influenza

Adviezen

≥ 18 jaar
Prioriteit Medicatie Opmerking
Medicatie:

oseltamivir po 75mg 2dd 5 dagen

Opmerkingen

  • Bij elke patiënt die tijdens het influenza seizoen opgenomen wordt ivm verdenking influenza:
  1. symptomen korter dan 48 uur: start empirisch oseltamivir.
  2. symptomen langer dan 48 uur: overweeg empirisch oseltamivir, afhankelijk van de ernst van het ziektebeeld en onderliggend lijden. Bij immuungecompromitteerden wordt aanbevolen om laagdrempelig te starten. 
  • Beëindig empirische oseltamivir behandeling indien de PCR voor influenza A virus en influenza B virus negatief zijn.
  • Dubbele dosering van oseltamivir (2dd 150 mg po) lijkt geen toegevoegde waarde te hebben boven de standaarddosering van oseltamivir bij opgenomen patiënten met een influenza virus infectie.
  • Diagnostiek naar invasieve aspergillose bij IC patiënten
  1. Bepaal bij IC patiënten met aangetoonde influenza galactomannan in serum. Het wordt aanbevolen tevens een bronchoscopie met BAL te verrichten (galactomannan en schimmelkweek) als er ook sprake is van radiologische pulmonale afwijkingen. Start antifungale behandeling als er sprake is van tracheobronchitis, een positieve serum galactomannan of een positieve BAL galactomannan (index ≥0.8). Indien negatief, diagnostiek herhalen bij respiratoire complicaties/klinische verslechtering of bij groei van Aspergillus in kweken van respiratoir materiaal.
  2. Bepaal bij IC patiënten met Aspergillus in een kweek van respiratoir materiaal, die radiologische pulmonale afwijkingen hebben en risicofactoren voor IC-gerelateerde aspergillose (corticosteroidgebruik, COPD, sepsis of klassieke EORTC/MSG risicofactoren voor aspergillose) galactomannan in serum en BAL vloeistof. Start antifungale therapie bij een positieve galactomannan in serum en/of BAL.
  3. Bepaal bij IC patiënten met klinisch relevante onverklaarde radiologische pulmonale afwijkingen en risicofactoren voor IC-gerelateerde aspergillose (corticosteroidgebruik, COPD, sepsis of klassieke EORTC/MSG risicofactoren voor aspergillose) galactomannan in serum en BAL vloeistof. Start antifungale therapie bij een positieve galactomannan in serum en/of BAL zonder andere verklaring voor de afwijkingen.

         NB: Bij niet-geïntubeerde patiënten kan er op klinische gronden voor gekozen worden om geen bronchoscopie met BAL te verrichten.

Bronnen

Antimicrobiële middelen

De volgende antimicrobiele middelen zijn verwerkt in deze adviezen:

Externe referenties
Categorie
Metadata

Swab vid: G-206191.5
Bijgewerkt: 01/09/2020 - 17:27
Status: Published